Het eerstelijnsverblijf toegelicht

eerstelijns_verblijf_zorgenzDe politieke partij 50+ heeft Kamervragen gesteld over het eerstelijnsverblijf. Staatssecretaris Van Rijn gaat in een brief uitgebreid in op het onderwerp. Dat levert enkele interessante feiten op, die we graag met u willen delen.

De opmerking dat er sprake zou zijn van verdubbeling van de vraag naar tijdelijke opvang, weerlegt Van Rijn met cijfers van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Het CIZ heeft in 2015 ruim 25.600 en in 2016 ruim 29.300 besluiten afgegeven voor eerstelijnsverblijf (ELV). Zowel in 2015 als in 2016 kwamen ruim 12.000 aanvragen voor eerstelijnsverblijf vanuit het ziekenhuis.

Vergoeding
Op de vraag waarom verblijf in een herstelhotel niet volledig wordt vergoed, vermeldt Van Rijn het volgende. ELV wordt geheel vergoed uit de Zorgverzekeringwet wanneer deze zorg wordt afgenomen bij een gecontracteerde aanbieder; bij een niet-gecontracteerde aanbieder is er vergoeding op basis van de polis. Wanneer er zorg nodig is na een ziekenhuisopname kan men thuis verblijven met thuiszorg (zorg en verzorging betaald uit de Zvw) en eventueel met begeleiding en ondersteuning vanuit het gemeentelijk domein. Wanneer mensen ervoor kiezen om – zonder medische noodzaak – in een herstelhotel te verblijven, dan worden de kosten voor de zorg wel betaald uit de Zvw, maar het verblijf wordt niet gedekt door de basisverzekering. De kosten voor verblijf moet men zelf betalen, eventueel met een vergoeding uit de aanvullende verzekering.
Voor laag complexe zorg in het ELV is het maximum tarief € 160,17, voor ELV hoog complex is dit maximaal € 223,50 en voor ELV palliatief maximaal € 316,07. Later dit jaar verschijnt een rapportage van de NZa over de inkoop van ELV, waaronder de hoogte van de afgesproken tarieven.

Smeerolie
Van Rijn stelt dat het eerstelijnsverblijf fungeert als smeerolie in het systeem. Deze zorg voorkomt onnodige ziekenhuisopname, bevordert een goede doorstroom uit het ziekenhuis, stelt mensen in staat langer thuis te wonen en zorgt voor een soepele overgang naar de langdurige zorg. Met de minister heeft hij een proces in gang gezet om binnen de Zvw aanvullende geneeskundige zorg mogelijk te gaan maken voor specifieke doelgroepen in de eerste lijn, ook voor ouderen met somatische en lichamelijke chronische/complexe zorgvragen. Dit betreft zorg die zich ook richt op het leren omgaan met beperkingen en het versterken van de zelfredzaamheid van de patiënt.

Lees hier de volledige brief van staatssecretaris Van Rijn.

(Foto: Chartsand BG/Shutterstock)

 

Gerelateerde berichten

Auteur: Zorgenz
Categorie: Bedrijfsvoering
Tags: , , ,

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *