Gezondheidsverschillen zijn deels verklaarbaar

Gezondheidsverschillen zijn deels verklaarbaar

Datum: 6 september 2018

Bijna een kwart van de volwassen Nederlanders beoordeelde de eigen gezondheid in 2016 als ‘zeer slecht’, ‘slecht’ of ‘gaat wel’. Dit loopt per gemeente loopt uiteen van 15 tot ruim 35%. Vooral in het uiterste noordoosten, zuidoosten en het zuidwesten van het land zijn er gemeenten waar relatief veel mensen hun gezondheid als minder dan goed beoordelen. Maar ook verspreid door het land liggen enkele van dit soort gemeenten, zoals Lelystad en Den Helder.  

Waarom ervaart bijna 15% van de bevolking in Dinkelland de eigen gezondheid als minder goed en bijna 36% in  Heerlen? Waar komen die grote verschillen vandaan? GGD’en, het RIVM en het CBS hebben hiernaar onderzoek gedaan. Daaruit blijkt dat de verschillen in ervaren gezondheid deels te verklaren zijn door verschillen in de bevolkingssamenstelling.

Bevolkingsopbouw is van invloed
Het zal niemand verbazen: de ervaren gezondheid hangt nauw samen met leeftijd, migratieachtergrond, inkomen en opleidingsniveau. De bevolkingsopbouw van een gemeente is daarom direct van invloed op het gemiddelde van de ervaren gezondheid. Dat gemiddelde is lager in gemeenten met veel oudere inwoners, veel inwoners met een migratieachtergrond, veel inwoners met een lager inkomens- of opleidingsniveau, en in gemeenten waar relatief veel mensen wonen met een aandoening of beperking.

Minder verschil na correctie
Als rekening wordt gehouden met de verschillen in bevolkingssamenstelling en de verschillen in aandoeningen en beperkingen, zijn de gemeentelijke verschillen in ervaren gezondheid waarschijnlijk minder groot. In hoeverre klopt deze redenering? De partijen zijn daarmee aan de slag gegaan en hebben gekeken naar de uitkomsten na correctie van bevolkingssamenstelling. En dan blijkt dat de verschillen inderdaad minder groot zijn.

Omgeving speelt vast ook een rol
Echter: ze zijn zeker niet verdwenen. Er bestaat ook na de doorgevoerde correctie nog steeds een onderscheid tussen diverse gemeenten. Om bij het voorbeeld van Dinkelland en Heerlen te blijven: dan is het verschil tussen Heerlen (28%) en Dinkelland (19,5%) na correctie van bevolkingssamenstelling dus 8,5% tegen 21% zonder deze correctie.  Zie op de website van het CBS de overzichten van alle gemeenten, zowel voor en na correctie.

(Foto: Shutterstock)

 

Gerelateerde berichten

Author: Zorgenz

Share This Post On

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

  • Abonneer hier