3 okt: Symposium en verdediging proefschrift Zorg in geboortecentra

Blog Inge Boesveld

Het is zover: mijn proefschrift over kwaliteit en organisatie van zorg in geboortecentra in Nederland is de deur uit! Met als titel:  “INTEGRATED BIRTH CARE: A TRIPLE AIM Quality of birth centre care in the Netherlands”

Op 3 oktober a.s. zal ik mijn proefschrift verdedigen en dan is dit meerjarenproject afgerond. Voorafgaand hieraan organiseren we, als Jan van Es Instituut met het UMCU, het symposium Waardegedreven Geboortezorg. Het programma staat, de laatste voorbereidingen worden getroffen en er hebben zich al veel mensen aangemeld. Ik zie uit naar deze dag!

Theorie achter Triple Aim
In het proefschrift beschrijf ik onder andere dat we met de data van het Geboortecentrum Onderzoek de theorie achter de Triple Aim hebben geëxploreerd. Triple Aim staat voor het gelijktijdig realiseren van drie doelstellingen:
› verbeteren van ervaren kwaliteit van zorg
› verbeteren van gezondheid van een populatie
› verlaging van kosten per hoofd van de bevolking.
Dit is anders dan het nu geldende paradigma binnen de gezondheidszorg, waarin deze drie doelstellingen vaak afzonderlijk van elkaar worden nagestreefd en gemonitord. Momenteel wordt veelal kosteneffectiviteit nagestreefd in de gezondheidszorg. De denkwijze bij Triple Aim is dat door het verbeteren van de ervaren kwaliteit van zorg de andere doelstellingen ook zullen worden gerealiseerd.

Meer integratie van zorg zou de Triple Aim positief moeten kunnen beïnvloeden. Aan de hand van de uitkomsten van het Geboortecentrum Onderzoek vonden we dat de Triple Aim-componenten inderdaad aan elkaar gecorreleerd zijn – betere cliëntenervaringen leiden tot betere perinatale uitkomsten en lagere kosten. Echter, we konden de relatie tussen integratie en de Triple Aim niet vaststellen. In het proefschrift geef ik aan dat dit mogelijk komt doordat we alleen gekeken hebben naar een laagrisico populatie die van plan was om in een geboortecentrum te bevallen.

Voor welke populatie zwangeren is integrale geboortezorg nodig?
Binnen de chronische zorg zijn effecten van integrale zorg met name aangetoond bij patiënten met multimorbiditeit. Het is denkbaar dat integrale geboortezorg wel betere kwaliteit van zorg zou kunnen leveren voor kwetsbare zwangeren, met problematiek op niet alleen het medische en verloskundige gebied, maar ook op het sociale en psychische domein. Bij de herinrichting van de geboortezorg in Nederland zou hier meer op gefocust moeten worden: voor welke populatie zwangeren is integrale geboortezorg noodzakelijk?

Je hoeft het als verloskundige niet in je eentje op te lossen
Ik werd in deze gedachte gesterkt door een contact dat ik laatst had met een verloskundige. Zij gaf aan binnen hun praktijk te maken hebben met een groot aandeel ‘veelgebruikers’: zwangeren die (veel) meer dan het ‘routine-prenatale-zorg’ op consult komen en daarnaast ook heel vaak bellen met vragen of problemen. Deze groep zwangeren legt een grote druk op de praktijk. Ik kan me voorstellen dat je een dergelijke groep zwangeren veel beter kunt ondersteunen door samen te werken met andere sectoren. Je hoeft het als verloskundige niet in je eentje op te lossen: samenwerking zal de druk op de verloskundigen kunnen verminderen en vermoedelijk ook de ervaren kwaliteit van zorg kunnen verhogen, doordat de zorg meer op het individu afgestemd zal kunnen worden (dat volgens de Triple Aim dus ook leidt tot betere perinatale uitkomsten en verlaging van kosten!). Daarvoor is het wel noodzakelijk dat je deze zwangeren kunt identificeren, zodat je tijdig de juiste ondersteuning en hulp kunt inschakelen.

♦ Integrale zorg is middel, geen doel

Discussie gaat nog te veel over organisatievorm
Ik heb het idee dat de discussie over integrale geboortezorg nu veel te veel gaat over de organisatievorm, terwijl het volgens mij zou moeten gaan over voor welke populatie welke vorm van integratie ingericht zou moeten worden. Ook hierover kwam ik afgelopen week een voorbeeld tegen. Een VSV is het onderdeel ‘casemanagement’ uit het Stuurgroeprapport aan het inrichten. Hiervoor zijn met elkaar afspraken gemaakt hoe dit vorm te geven en ik monitor de implementatie ervan. Een verloskundige vertelde mij dat het binnen hun groepspraktijk wel lastig in te plannen was: de casemanager moet ‘haar’ zwangere op gezette tijden zien en dat was praktisch niet te organiseren. Ik merkte dat de ‘visie’ achter casemanagement niet goed voor ogen gehouden werd. De verloskundige ervaarde de verandering van werkwijze eigenlijk als min of meer ‘opgelegd’. Dit belemmert de implementatie ervan.

Casemanagement juist voor complexere zorg
Ook hier kon ik weer de verbinding leggen met mijn bevindingen uit mijn proefschrift. Casemanagement is volgens mij bedoeld om ervoor te zorgen dat zwangeren die dit nodig hebben, betere continuïteit van zorg kunnen ervaren: dat er iemand is die het ‘geheel’ van zorg in de gaten houdt, juist als er ‘complexere’ zorg nodig is; dat er iemand is bij wie zij altijd terechtkan als ze ergens mee zit. Door versnippering van zorg (bijvoorbeeld door grote groepspraktijken) is dit wellicht meer dan eens uit het oog verloren. Als je dit voor ogen hebt, is het volgens mij veel gemakkelijker om je praktijk zó in te richten dat je casemanagement kunt realiseren. En ik denk dat je daarvoor dan helemaal niet zoveel hoeft aan te passen. Integrale geboortezorg is een middel, geen doel.

Symposium
Er zijn nog plaatsen voor het symposium ‘Waardegedreven Geboortezorg’ op 3 oktober a.s. Deelname is gratis en u bent van harte welkom. Klik hier voor meer informatie en inschrijving.

Online scholing
Momenteel ontwikkelen we vanuit het Jan van Es Instituut een eenvoudig toegankelijke ‘online’ scholing over dit onderwerp. Hou onze website en berichtgeving hierover in de gaten.

Inge Boesveld is van oorsprong verloskundige en heeft 12 jaar als zelfstandige in een verloskundigenpraktijk gewerkt. Ze is werkzaam bij het Jan van Es Instituut en richt zij zich voornamelijk op ondersteuning van VSV’s bij de implementatie en evaluatie van integrale geboortezorg. In 2007 heeft zij voor haar masterscriptie onderzoek gedaan naar VSV’s in Nederland. Van 2013-2016 was zij als promovenda betrokken bij het landelijke Geboortecentrum Onderzoek.

 

 

 

 

Gerelateerde berichten

Plaats een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *